bakredenen, Mijn bakinspiratie

Penvriend(in)

Op de basisschool had een klasgenoot een penvriendin. Geen idee hoe ze daar aan kwam. Ik wilde ook wel een penvriendin. Op een gegeven moment gingen ze elkaar ontmoeten. Hele Robert ten Brink visioenen kreeg ik. Dat leek mij geweldig. Maar goed. Ik had geen penvriendin. Ik had mijn nichtje. Wij schreven elkaar verhalen op de prachtigste kaarten. Van drie kippen op een stok. Van de molen op Erica. Van een dansende oma in een badpak. Op een gegeven moment hadden wij bedacht dat het ‘veiliger’ was om in geheimtaal te schrijven. Zo kon niemand onze verhalen lezen. Samen hadden wij een geheimschrift opgesteld. Een maand later kreeg ik een kaart van mijn nichtje. In geheimschrift. Geen idee wat ze geschreven had. Ik was mijn briefje met de vertaling van ons geheimschrift kwijt. Dat was ook een zo’n beetje het einde van ons ‘pen-nichten-tijdperk’. Nu appen wij elkaar af en toe nog, in gewone taal. Maar ik blijf erbij: pennen is toch echt leuker. Wie schrijft, die blijft! Dat moet een vrouw uit Engeland ook gedacht hebben. Zij heeft een penvriend in de VS. Hij zit in de gevangenis en heeft een haattattoo op zijn voorhoofd. Ook zij gingen elkaar ontmoeten. Zonder Robert ten Brink. Helaas. Het was wel wat voor hem geweest. Die haattatoo maakte haar niks uit. Na een paar brieven en negen ontmoetingen, zijn ze getrouwd. Echt waar. Het was vorige week op de radio. Zouden zij ook een geheimschrift hebben gehad? Tja, zo’n briefje met de vertaling raak je denk ik niet zo snel kwijt in een cel. En waar zullen zij allemaal over geschreven hebben. Vast niet over de molen op Erica. Of over de verwende kippen van mijn nichtje. Ik zal mijn nichtje ook weer eens een kaart sturen. Want: wie schrijft, die blijft! Eerst even appen om te vragen wat haar adres is.

Previous Post Next Post

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.